Een rommelige UTM-structuur maakt kanaalrapportage in GA4 onbetrouwbaar. Dan lijken campagnes vergelijkbaar, terwijl je eigenlijk naar verschillende naamgeving kijkt.

GA4 UTM-structuur opzetten voor duidelijke campagnevergelijking

In GA4 lijkt de ene campagne beter te lopen dan de andere. Tot je inzoomt op de brondata en ziet dat dezelfde nieuwsbrief drie verschillende namen heeft gekregen. Meta-verkeer staat deels onder paid social, deels onder referral en deels ergens waar niemand meer naar kijkt.

Je rapportage faalt vaak niet op data, maar op naamgeving

UTM-tags zijn de labels die je aan campagnelinks hangt. Daarmee vertel je GA4 waar verkeer vandaan komt. In theorie is dat simpel. In de praktijk ontstaat er snel verwarring. Een marketeer gebruikt `paid-social`. Een collega kiest `paidsocial`. Een bureau zet er weer `meta_paid` neer.

Dan lijkt het alsof je meerdere campagnes of kanalen vergelijkt, terwijl je vooral naar verschillen in tagging kijkt. Het dashboard oogt rustig. De conclusie eronder is dat vaak niet.

Contact opnemen

De meeste teams hebben hier al een half systeem omheen gebouwd

Er is meestal wel een spreadsheet. Of een naming document dat ooit is gedeeld. Soms zelfs een dashboard waarin alles achteraf met filters wordt rechtgetrokken. Dat is logisch. Niemand wil maand na maand dezelfde discussie voeren over bron, medium en campagne.

Alleen blijft GA4 in de basis gewoon lezen wat er in de link staat. Dus als de invoer rommelig is, blijft de rapportage dat ook. Dan kost elk campagneoverzicht eerst correctiewerk voordat je kunt bepalen wat meer budget verdient.

Strakke UTM’s zijn geen administratief detail

Een goede UTM-structuur doet iets simpels maar belangrijks. Hij zorgt dat campagneverkeer steeds op dezelfde manier binnenkomt. Daardoor kun je campagnes echt vergelijken. Niet alleen op klikken of sessies, maar op wat ze later opleveren in rapportage, leadkwaliteit en kanaalbijdrage.

Dat is het verschil tussen kijken naar data en werken met data. Als tagging vastligt, hoef je minder te corrigeren. Je ziet sneller waar Meta te veel waarde krijgt. Of waar e-mail juist structureel beter bijdraagt dan het team dacht.

Het verschil zit niet in meer data, maar in minder interpretatie

Een vaste UTM-structuur maakt campagnes niet beter. Wel maakt het duidelijker welke campagne echt bijdraagt en welke vooral anders is gelabeld.

Vergelijking losse UTM-aanpak versus vaste UTM-structuur
Aspect Losse aanpak Vaste structuur
Campagnes vergelijkbaar
vaak twijfel
veel duidelijker
Handmatige correcties
regelmatig nodig
beperkter
Kanaalrapportage in GA4
sneller scheef
stabieler
Keuzes voor budgetverdeling
eerst discussie
sneller bruikbaar

Indicatieve vergelijking op basis van veelvoorkomende GA4- en campagnereviews.

PaperDigits legt eerst de spelregels vast en past daarna de rapportage aan

Wij beginnen niet met een template vol verplichte velden. We kijken eerst hoe campagnes nu live gaan, welke bronnen gebruikt worden en waar naamgeving uit elkaar loopt. Daarna maken we een UTM-structuur die past bij hoe je team werkt en hoe rapportage gelezen moet worden.

Daarmee maken we expliciet wat bron, medium en campagne mogen zijn. Ook leggen we vast wat niet meer mag. Pas daarna richten we rapportage en kanaalindeling daarop in. Zo voorkom je dat GA4 elke maand iets anders laat zien omdat iemand één label net anders heeft geschreven.

Waar je nu losse campagnenamen ziet, zie je straks vergelijkbare campagnes

Als je UTM-structuur staat, hoef je minder tijd te besteden aan het opschonen van verkeer of het uitleggen van rare verschillen tussen dashboards. Je ziet eerder welke campagne echt beter werkt en welke campagne vooral netter of slordiger is gelabeld.

Waar je nu eerst de tagging moet repareren, kun je straks sneller bepalen wat omhoog kan, wat omlaag moet en welke rapportage eindelijk te vertrouwen is.

Meer informatie nodig?

Heb je vragen over dit onderwerp? Stuur ons een WhatsApp bericht en we helpen je graag verder!

WhatsApp ons